In april 2025 stond dit winterlandschap in Basel nog als anoniem zeventiende-eeuws Nederlands werk in de catalogus, geschat op ongeveer €8.500–12.800. Anderhalf jaar later biedt Koller hetzelfde paneel aan als werk van Christoffel van den Berghe, nu voor circa €130.000–190.000.
Op 2 april 2025 kwam bij Artcurial Beurret Bailly Widmer in Basel een aantrekkelijk maar anoniem Eisvergnügen onder de hamer. De catalogisering was voorzichtig: Holländische Schule, 17. Jh. Het paneel van ongeveer 35 bij 60 centimeter werd geschat op omgerekend circa €8.500–12.800 ($10.000–15.000) en afgehamerd op 50.000 euro.[1] Op 18 september verschijnt hetzelfde schilderij opnieuw op de markt. Ditmaal bij Koller in Zürich, met een veel preciezere kunsthistorische naam: Christoffel van den Berghe. De estimate bedraagt ongeveer €130.000–190.000 ($150.000–225.000).[2]
Dat alleen zou al voldoende zijn voor een opvallend veilingverhaal. Interessanter is echter de vraag wat er in de tussentijd met het schilderij is gebeurd. Dit is namelijk niet eenvoudigweg een onbekend werk waarop plots een aantrekkelijke kunstenaarsnaam is geplakt. Het paneel heeft een gedocumenteerde geschiedenis die meer dan een eeuw teruggaat.

Een winterlandschap dat ook zonder naam overtuigt
Nog voordat de attributie ter sprake komt, verklaart het schilderij zelf waarom het aandacht trekt. De schilder bouwt de voorstelling vanuit een drukke, donkere linkervoorgrond op naar een vrijwel onbelemmerde winterse verte. Langs de oever staan besneeuwde houten huizen, kale bomen, tonnen en boten. Mensen zijn er bezig met alledaagse werkzaamheden. Daarachter verrijst een gefortificeerde stadsrand.
Vanaf dat punt opent het landschap zich. Het bevroren water loopt bijna tot aan de horizon. Schaatsers, wandelaars en kolfspelers worden naar achteren toe steeds kleiner, totdat zij vrijwel oplossen in de zilvergrijze atmosfeer. De enorme winterlucht neemt meer dan de helft van het paneel in beslag.
In de voorgrond vormt een door een paard getrokken slee het belangrijkste kleuraccent. Rood, geel, groen en zwart steken scherp af tegen de gedempte tonen van sneeuw, ijs en hemel. De elegant geklede passagiers en figuren op het ijs contrasteren bovendien met de meer alledaagse bedrijvigheid langs de oever. Dat verschil tussen arbeid en vermaak geeft de voorstelling lucht en sociale variatie. Je kijkt niet naar een leeg winterdecor waaraan enkele figuren zijn toegevoegd. Over het hele beeld gebeurt iets.
Ook compositorisch zit het schilderij overtuigend in elkaar. De zware massa links, huizen, bomen, boten en stadsmuur, wordt gecompenseerd door de grote open ruimte rechts. De bomen functioneren bijna als coulissen waardoor de blik het ijs op wordt gestuurd. De slee trekt die beweging vervolgens verder de voorstelling in. Met 35 × 60 centimeter is het bovendien een behoorlijk aanwezig schilderij, zeker naast verschillende bekende winterlandschappen van Van den Berghe die nauwelijks groter zijn dan een ansichtkaart.[2]

In 1908 heette de schilder nog Esaias van de Velde
De geschiedenis van het paneel begint vooralsnog niet in 2025, maar ruim een eeuw eerder. Volgens zowel Koller als de Basel-catalogus bevond het werk zich ooit in de Amsterdamse collectie Hoogendyck. Op 28 en 29 april 1908 werd het bij Frederik Muller geveild als een schilderij van Esaias van de Velde.[1][2] Die attributie hield geen stand.
George S. Keyes nam het werk in zijn monografie Esaias van de Velde 1587–1630 uit 1984 op bij de verworpen toeschrijvingen.[3] Toen het schilderij in april 2025 opnieuw in Basel verscheen, werd die geschiedenis in de catalogus vermeld. Het veilinghuis presenteerde het daarom niet langer als Van de Velde, maar als Nederlandse school uit de zeventiende eeuw.[1]
De koper van 2025 hoefde niet zelf te ontdekken dat het schilderij ooit als Esaias van de Velde was verkocht. Ook de Hoogendyck-provenance en Keyes’ afwijzing van die oude attributie stonden al in de veilingcatalogus. Die informatie was voor iedere bieder beschikbaar. De werkelijk interessante stap kwam daarna: niet vaststellen wie het schilderij niet had gemaakt, maar een overtuigend voorstel geven voor wie het wel geschilderd heeft.
Waarom Christoffel van den Berghe?
Koller catalogiseert het paneel nu zonder voorbehoud als werk van Christoffel van den Berghe en vermeldt een wetenschappelijke analyse van een specialist.[2] De vergelijking met reeds geaccepteerde werken maakt de nieuwe naam begrijpelijk.
Christoffel van den Berghe werd omstreeks 1590 geboren en was werkzaam in Middelburg, waar hij in 1619 wordt genoemd in het Sint-Lucasgilde. Zijn oeuvre is klein. Lange tijd was niet duidelijk welke schilder achter het op verschillende werken voorkomende monogram CVB of CvB schuilging. Laurens J. Bol verbond de schilderijen in 1956 met Christoffel van den Berghe in zijn studie over een Middelburgse groep kunstenaars rond de invloed van Brueghel.[4][5]

De museale vergelijkingen
Koller wijst zelf op twee gemonogrammeerde winterlandschappen: een schilderij in het Mauritshuis in Den Haag en een werk in Museum Mayer van den Bergh in Antwerpen.[2] Het Winter Landscape in het Mauritshuis wordt omstreeks 1615–1620 gedateerd. Het is geschilderd op koper, meet slechts 11,5 × 16,5 centimeter en draagt het monogram CVB.[6] Ook hier zien we een bevroren waterweg vol kleine figuren, kolfspelers en winterse bedrijvigheid. Een kale boom in de voorgrond helpt de blik naar de verte te leiden.
Museum Mayer van den Bergh bezit eveneens een klein, gemonogrammeerd winterlandschap op koper (ongeveer 10,7 × 15,5 centimeter).[4][7] Voor het nu aangeboden werk is misschien nog interessanter wat zich in het Metropolitan Museum of Art in New York bevindt. A Winter Landscape with Ice Skaters and an Imaginary Castle, gedateerd omstreeks 1615–1620, is net als het huidige lot op hout geschilderd en heeft met ongeveer 27,3 × 45,7 centimeter een aanzienlijk ruimer formaat dan de kleine koperstukken.[8] Daar vinden we opnieuw kale bomen die het beeld structureren, architectuur langs het ijs, kleurrijke figuurtjes en een landschap dat zich via verschillende plans naar een verre horizon opent.
Een estimate van bijna twee ton
Daarmee komen we terug bij de markt. Een schatting van circa €130.000–190.000 ($150.000–225.000) is geen bedrag dat eenvoudig uit recente openbare veilingresultaten voor Van den Berghe kan worden afgeleid. De markt is daarvoor te dun en de werken die verschijnen zijn onderling te verschillend.
Lempertz verkocht in 2007 bijvoorbeeld een klein landschap op koper van 15,7 × 24,5 centimeter voor €24.000 ($28.000) inclusief opgeld.[9] Bij Dorotheum bracht in 2016 een gemonogrammeerd landschap op koper van 10,8 × 16,5 centimeter €7.500 ($8.800) inclusief buyer’s premium op.[10]
Het huidige schilderij is met geen van deze werken rechtstreeks vergelijkbaar. Het is groter, het winteronderwerp is aantrekkelijk, de provenance reikt aantoonbaar tot ten minste het begin van de twintigste eeuw en het wordt als volledig eigenhandig werk aangeboden.
De echte test komt op 18 september
Dit schilderij is niet vanuit volledige anonimiteit rechtstreeks naar Van den Berghe gegaan. Het begon de twintigste eeuw als Esaias van de Velde, verloor die naam na kunsthistorisch onderzoek, verscheen in 2025 als Nederlandse school en wordt nu opnieuw in een concreet oeuvre geplaatst.
En die nieuwe plaatsing is niet onlogisch. Het werk sluit visueel aan bij een kleine groep geaccepteerde winterlandschappen in Den Haag, Antwerpen en New York. Precies die combinatie maakt de komende verkoop interessant. Het resultaat zal laten zien in hoeverre de markt bereid is de combinatie van kwaliteit, provenance en de nieuwe toeschrijving op een veel hoger niveau te waarderen dan anderhalf jaar geleden.
Heeft u een bijzondere belangstelling voor deze kunstenaar of voor dit onderwerp?
Volgt u deze kunstenaar of bent u een werk tegengekomen waarover u meer wilt weten? Wij doen regelmatig onderzoek naar werken die op de markt verschijnen en wisselen graag van gedachten over kwaliteit, provenance, kunsthistorische context en eerdere verkoopresultaten. U kunt ons rechtstreeks bereiken via info@antonello.art.
Noten en bronnen
[1] Artcurial Beurret Bailly Widmer, Internationale Kunst bis 1900, Basel, 2 april 2025, lot 214, Holländische Schule, 17. Jh., Eisvergnügen, olie op hout, 35 × 59,5 cm; omgerekende estimate circa €8.500–12.800 ($10.000–15.000). Provenance: collectie Hoogendyck, Frederik Muller 1908 en Zwitserse privécollectie.
[2] Koller Auktionen, A218 Gemälde Alter Meister, Zürich, 18 september 2026, lot 3017, Christoffel van den Berghe, Winterlandschaft mit Eisvergnügen, olie op hout, 34,6 × 59,8 cm; omgerekende estimate circa €130.000–190.000 ($150.000–225.000). Koller vermeldt een wetenschappelijke analyse van een specialist van 15 mei 2026.
[3] George S. Keyes, Esaias van de Velde 1587–1630, Doornspijk: Davaco, 1984, p. 201.
[4] RKD, “Christoffel van den Berghe”, met biografische gegevens, gildevermeldingen, monogrammen en bespreking van het oeuvre.
[5] L.J. Bol, “Een Middelburgse Breughel-groep”, Oud Holland 71 (1956), p. 183–203.
[6] Mauritshuis, Den Haag, Christoffel van den Berghe, Winter Landscape, ca. 1615–1620, olie op koper, 11,5 × 16,5 cm, inv. 671.
[7] Museum Mayer van den Bergh, Antwerpen, Christoffel van den Berghe, Winterlandschap met ijsvermaak, MMB.0117; gemonogrammeerd werk op koper, ca. 10,7 × 15,5 cm.
[8] The Metropolitan Museum of Art, New York, Christoffel van den Berghe, A Winter Landscape with Ice Skaters and an Imaginary Castle, ca. 1615–1620, olie op paneel, ca. 27,3 × 45,7 cm, inv. 2005.331.1.
[9] Kunsthaus Lempertz, Alte Kunst, Keulen, 17 november 2007, lot 1118, Christoffel van den Berghe, Flusslandschaft mit Reiter und Kutsche, olie op koper, 15,7 × 24,5 cm; resultaat €24.000 ($28.000) inclusief opgeld.
[10] Dorotheum, Old Master Paintings, Wenen, 19 december 2016, lot 23, Christoffel van den Berghe, landschap met reizigers en ruiter, olie op koper, 10,8 × 16,5 cm; resultaat €7.500 ($8.800) inclusief opgeld.