Een klein zeventiende-eeuws mannenhoofd, verkocht als Studio of Rembrandt, werd geschat op £1.500–2.500. De hamerprijs kwam uit op £33.000 (€38.500). Dat komt niet alleen door de eraan gekoppelde naam. Vooral de mogelijkheid van verder onderzoek lijkt hier een belangrijke factor te zijn geweest.
Tijdens de Fine Art Sale van The Auction Room London op 29 september keken wij niet alleen uit naar een specifieke VOC-documentenkist. Ook dit schilderij, dat als Studio of Rembrandt Harmensz. van Rijn werd aangeboden, bleek een ondergewaardeerd stuk. Het betreft een klein zeventiende-eeuws paneel met het hoofd van een oude bebaarde man.[1]
Waarom waren meerdere bieders bereid £33.000 te betalen voor een werk dat het veilinghuis op hooguit £2.500 had geschat? Het paneel heeft precies het soort formaat en voorstelling dat in Rembrandts omgeving voorkomt. De achterkant draagt sporen van een oudere geschiedenis en de provenance biedt een nader te onderzoeken aanknopingspunt. Wie bood, kocht daarmee de mogelijkheid tot nader onderzoek.

Een tronie van klein formaat
Het schilderij meet slechts 18 bij 23 centimeter. Tegen een bruine achtergrond verschijnt een oudere man met hoog voorhoofd, donker haar en een lange grijze baard. Hij kijkt omlaag. Het licht valt het sterkst op zijn gezicht. In het voorhoofd zijn vrij brede overgangen zichtbaar, terwijl de baard uit lichtere toetsen is opgebouwd. Het grote oor is opvallend krachtig gemodelleerd, maar staat daardoor bijna los van het hoofd. Dat beeld komt evenwel deels door de vernislaag op de haarpartij.
Dit is geen portret waarin maatschappelijke status centraal staat. De betekenis zit vrijwel volledig in het hoofd, het licht en de schilderwijze. Daarmee bevindt het zich in de wereld van de tronie. Rembrandt, Jan Lievens, Gerrit Dou en andere schilders in hun omgeving gebruikten zulke kopstudies intensief. Vooral in Leiden in de vroege jaren 1630 werden jonge en oude modellen los weergegeven om uitdrukking, lichtval, huid en karakter te onderzoeken.
Tronies konden als studies functioneren, maar werden ook als zelfstandige schilderijen gewaardeerd en verkocht. De houding van een naar beneden gerichte blik komt bij Rembrandts studies regelmatig terug.[2] De schaal en voorstelling zijn geloofwaardig voor het type schilderij dat in zijn kring daadwerkelijk werd geproduceerd.

Het gevaar van het juiste type
Van dit soort oude mannenkoppen bestaan schilderijen van Rembrandt, van leerlingen, uit zijn atelier en van latere navolgers. Sommige composities werden bovendien herhaald. Een Rembrandteske oude man op een klein eiken paneel kan dus stilistisch overeenkomen, maar toch ver van een eigenhandige Rembrandt verwijderd zijn.
Op het paneel staat een oude handgeschreven toeschrijving aan “Rembrandt”. Daarnaast vermeldt de catalogus een opschrift van “Miss Stewart-Bam”. Er zit bovendien een etiket van een restaurator op de achterzijde.[1] De veilingcatalogus suggereert voorzichtig een mogelijke provenance uit de familie Stewart-Bam, die destijds een uitgebreide collectie bezat.[3]
£33.000 is geen normale ‘Studio of Rembrandt’ prijs
De woorden “Studio of Rembrandt”, gecombineerd met een oude bebaarde man op paneel, leveren niet vanzelf tienduizenden ponden op. Dat beeld verandert zodra documentatie en onderzoek in beeld komen. De bieders moeten dus een reden hebben gevonden om hoger te gaan dan de schatting aan potentie suggereert.
Een interessante vergelijking bevindt zich in het Mauritshuis. De daar bewaarde Tronie van een oude man, gedateerd rond 1630–1631, is eveneens in olieverf op paneel geschilderd en bevindt zich precies in het grensgebied tussen Rembrandt en zijn atelier. Onderzoek wees uit dat het paneel afkomstig is uit dezelfde boom als twee schilderijen die als eigenhandige Rembrandts worden beschouwd. Een röntgenopname bracht bovendien wijzigingen tijdens het schilderproces aan het licht.
Toch kon het museum het auteurschap niet definitief aan Rembrandt toeschrijven. Want sommige passages missen volgens de onderzoekers de precisie die van hem wordt verwacht. Zelfs wanneer hout en techniek rechtstreeks naar Rembrandts atelier wijzen, kan de vraag wie het schilderij daadwerkelijk heeft uitgevoerd dus nog openblijven.

We zagen dit al eerder gebeuren
Er is bovendien een opvallende parallel met een lot waarover wij eerder schreven. Bij Hargesheimer in Düsseldorf verscheen op 12 september een paneeltje van 21,5 bij 17,5 centimeter, voorzichtig gecatalogiseerd als Rembrandt Harmensz. van Rijn, probably workshop or school, met een schatting van slechts €150–300. Uiteindelijk eindigde het kavel op €22.000 hamerprijs.[4]
In ons eerdere artikel lag de nadruk daarom niet op de gedachte dat een lage schatting een verborgen Rembrandt zou verraden. Interessanter was hoe snel de markt bij zo’n klein Rembrandt-gerelateerd paneel vooruitloopt op een voorzichtige catalogisering zodra formaat, voorstelling en mogelijk vervolg onderzoek samenkomen.
Het resultaat hier lijkt een variant van hetzelfde verschijnsel. Opnieuw begint een klein schilderij onder een brede Rembrandt-catalogisering met een opvallend lage schatting. Dat maakt beide resultaten interessant als marktobservatie, maar niet automatisch als toonbeeld van authenticiteit.

Wat zou £33.000 dan kunnen verklaren?
Het beeld behoort daadwerkelijk tot de Rembrandt-wereld van tronies en oude mannenkoppen. De schilder heeft de voorstelling niet overladen met attributen, maar concentreert alles op een naar beneden kijkend hoofd dat door sterk licht uit het bruin wordt gehaald. Op de achterkant bevinden zich oudere sporen die vervolgonderzoek mogelijk maken.
Een schatting van £1.500–2.500 was voor een dergelijk object met weinig wetenschappelijke zekerheid misschien wel logisch. Voor een koper die toegang heeft tot dendrochronologie, restauratoren en Rembrandt-specialisten kan zo’n catalogisering juist aantrekkelijk zijn.
Dat verschil is bij Rembrandt uitzonderlijk scherp. Een zeventiende-eeuwse navolger, een werk uit de kring, een daadwerkelijk atelierproduct en een door de wetenschap geaccepteerde eigenhandige Rembrandt behoren tot verschillende categorieën. Het is precies in die tussen zone van die categorieën dat veilingcompetitie veel sneller oploopt.
Technisch onderzoek kan laten zien dat de opbouw niet met Rembrandts atelierpraktijk overeenkomt. De Stewart-Bam-link kan nergens toe leiden. De hamerprijs van £33.000 is dus pas het begin. De volgende stap bestaat daarom uit houtonderzoek, kunsthistorisch onderzoek, verfonderzoek en veel nauwkeuriger provenance-onderzoek.
Heeft u een bijzondere belangstelling voor deze kunstenaar of voor dit onderwerp?
Volgt u deze kunstenaar of bent u een werk tegengekomen waarover u meer wilt weten? Wij doen regelmatig onderzoek naar werken die op de markt verschijnen en wisselen graag van gedachten over kwaliteit, provenance, kunsthistorische context en eerdere verkoopresultaten. U kunt ons rechtstreeks bereiken via info@antonello.art.
Noten en bronnen
[1] The Auction Room London, Fine Art Sale, Londen/Twickenham, 29 september 2026, lot 291, “Studio of Rembrandt Harmensz. van Rijn, Leiden, 1606–1669, Amsterdam, 17th Century Oil on Panel”; paneel 18 × 23 cm; schatting £1.500–2.500.
[2] National Gallery of Art, Arthur K. Wheelock Jr., “Bearded Man with a Beret, c. 1630” en Rijksmuseum Amsterdam, Rembrandt van Rijn, Oude man met lange baard, met witte mouw, ca. 1630.
[3] Christie’s, Londen, 3 december 1926, lot 130, The Mystic Marriage of Saint Catherine, “Lady Stewart-Bam, Ards, Co. Donegal, Ireland”; National Library of Ireland, Catalogue of the valuable library of books to be sold by auction at Ards House, mei 1929.
[4] Antonello.art, “Van €150 naar €1.400: waarom dit kleine Rembrandt-lot aandacht trekt”, 30 augustus 2026, Hargesheimer Kunstauktionen Düsseldorf, lot 3685, Rembrandt Harmensz. van Rijn, probably workshop or school, schatting €150–300; hamerprijs €22.000.