In juni 2021 verscheen bij Uppsala Auktionskammare een zeventiende-eeuws mannenportret als werk uit de kring van Anthony van Dyck, geschat op slechts €4.000-€6.000. De prijs liep op tot €510.000. Drie jaar later kwam hetzelfde paneel bij Sotheby’s New York als een vroeg zelfportret van Peter Paul Rubens, met een schatting van $3-5 miljoen. De tijd tussen die twee veilingen zegt volgens ons veel over connoisseurship en herattributie.
Op 17 juni 2021 stond in Zweden een mannenportret in de catalogus als Circle of Anthony van Dyck, Portrait of a gentleman. Uppsala Auktionskammare had het kavel op SEK 40.000-60.000 geschat, ongeveer €4.000-€6.000.
Dat werd ruimschoots gehaald, want de prijs liep op tot SEK 5,2 miljoen, ongeveer €510.000. Onder kenners circuleerde toen al een andere naam, namelijk niet Van Dyck, maar de schilder Peter Paul Rubens. De catalogisering was terughoudend en de schatting laag, maar de markt had voor de hamer viel al begrepen dat er iets interessanters geveild ging worden dan in eerste instantie verwacht zou worden.

Een Rubens die zijn naam was kwijtgeraakt
Op 1 februari 2024 presenteerde Sotheby’s New York hetzelfde schilderij als Sir Peter Paul Rubens, Self-Portrait of the Artist as a Young Man, gedateerd omstreeks 1610-11. Het oorspronkelijke paneel meet 55,5 bij 40 cm; latere toevoegingen vergroten het tot 68,2 bij 49,4 cm. De schatting bedroeg $3-5 miljoen.[1]
Volgens de provenance bevond het werk zich na Rubens zijn dood in diens nalatenschap en bleef het vervolgens gedurende generaties binnen de familiekring. Wanneer het in Brussel in 1853 wordt geveild, heet het Portrait de Rubens. De toen genoteerde afmetingen zijn 55 bij 40,5 cm, vrijwel exact de maten van het oorspronkelijke paneel.[2]
In 1861 werd de identificatie al iets voorzichtiger, bij Hôtel Drouot verscheen het als Portrait d’homme (Rubens lui-même?). Tegen 1894, toen het zich bij de Parijse handelaar Charles Sedelmeyer bevond, was Rubens nog altijd de schilder. Maar niet langer de geportretteerde, het heette inmiddels Portrait of the Artist’s Brother.

Daarna kwam het schilderij in Zweden terecht, in de verzameling van de industrieel en verzamelaar Carl Robert Lamm op Näsby Castle. Lamm behoorde tot de belangrijke Zweedse verzamelaars van zijn generatie. Toen zijn collectie in 1923 in New York onder de hamer kwam, werd het portret wederom als een eigenhandige Rubens aangeboden, nu als Portrait of Philip Rubens. Het bracht destijds $7.500 op.
Uiterlijk in 1942 bevond het werk zich bij de Zweedse eigenaar John Åke Truls Wiberg. Vervolgens bleef het in de familie. Toen het uiteindelijk in 2021 bij Uppsala Auktionskammare belandde, was de oude Rubens-identiteit vrijwel volledig uit beeld geraakt. Van Rubens zelf via zijn broer naar een anoniem persoon uit de kring van Van Dyck. Niet zozeer het schilderij was verloren geraakt, maar de identiteit.
Wat de bieders in 2021 vermoedelijk zagen
Het is geen portret dat zijn effect ontleent aan kostuum, handen, attributen of status. Alles hangt aan de verf in het gezicht. De aandacht ligt in het werk vrijwel volledig op het hoofd. Het gezicht is zorgvuldig gemodelleerd, maar haar, snor en baard zijn losser behandeld. Daar verschijnt een beweeglijkheid die contrasteert met de donker gehouden kleding en achtergrond. De lichte kraag snijdt als een scherpe overgang tussen hoofd en lichaam.

Een bijzonder relevante vergelijking bevindt zich in het Detroit Institute of Arts. Rubens’ Portrait of Philippe Rubens, the Artist’s Brother, eveneens omstreeks 1610-11 gedateerd. Ook daar verschijnt een baardige man tegen een donkere achtergrond, met het gezicht veel verfijnder en levendiger behandeld dan de omringende partijen.[3]
Rubens rond 1610
De datering maakt het schilderij kunsthistorisch veel interessanter dan een willekeurig Rubens-portret. Rubens was in 1608 na ongeveer acht jaar in Italië naar Antwerpen teruggekeerd. Een jaar later trouwde hij met Isabella Brant en werd hij hofschilder van aartshertogen Albrecht en Isabella. Zijn carrière versnelde bijna onmiddellijk.
Rubens presenteerde zichzelf in die tijd niet als ambachtsman met penseel en palet, maar als een welgestelde, geleerde gentleman. De kostbare kleding en de verwijzingen naar humanistische tradities behoren daarbij nadrukkelijk tot dat geconstrueerde zelfbeeld.[4] Dit Zweedse portret is veel intiemer.
De twee bekende zelfstandige zelfportretten uit 1623 gelden traditioneel als zijn eerste zelfstandige voorbeelden van het genre. Daarvoor verwerkte hij zijn eigen gezicht wel in andere composities en familieportretten.[5] Een zelfportret uit circa 1610-11 zou dat beeld dus aanzienlijk naar voren schuiven.

Van Zweedse sleeper naar een belangrijk kavel
In Uppsala was het schilderij een klein kavel binnen een Zweedse veiling, voorzichtig beschreven als Circle of Anthony van Dyck. Bij Sotheby’s kreeg het in 2024 de volledige internationale oude meester behandeling. Een gereconstrueerde eeuwenlange provenance, historische catalogusvermeldingen, analyse van de drager, vergelijkingsmateriaal en een plaats binnen Rubens zijn vroege Antwerpse periode.
Zelfs de positie in de veiling was zorgvuldig gekozen. Rubens was lot 316, meteen daarna kwam lot 317, een herontdekt zelfportret van zijn jongere tijdgenoot en voormalige medewerker Anthony van Dyck. Deze werd geschat op $2-3 miljoen. Sotheby’s bouwde rond de twee zelfs een promotionele Face Off: Rubens vs Van Dyck.[6]
Het schilderij dat drie jaar eerder in Zweden nog in de kring van Van Dyck verkeerde, stond nu als Rubens direct voor een daadwerkelijk als Van Dyck gecatalogiseerd zelfportret.
Was $3-5 miljoen onrealistisch?
Rubens zijn Portrait of a Venetian Nobleman werd in 2018 bij Sotheby’s Londen voor £5,4 miljoen inclusief opgeld verkocht, tegen een schatting van £3-4 miljoen.[7] Het werk was gelijk in grootte, maar bezat een sterke kwaliteit, goede conditie en een lange geaccepteerde plaats binnen het oeuvre.
In 2020 realiseerde Portrait of a Young Woman, Half-Length, Holding a Chain, een vroeg Italiaans portret van Rubens, bij Christie’s £4 miljoen, tegen een estimate van £4-6 miljoen.[8]
Die prijzen maken een miljoenenschatting voor een geaccepteerd vroeg zelfportret van Rubens op zichzelf niet vreemd. Het Sotheby’s-portret had een opvallende recente attributiegeschiedenis, een complexe fysieke geschiedenis door de paneeluitbreidingen en was pas drie jaar eerder publiekelijk verhandeld voor een half miljoen euro.

De eerdere Rubens-sleeper die eveneens struikelde
In 2013 verkocht Sotheby’s een klein meisjesportret uit de collectie van het Metropolitan Museum of Art als Follower of Rubens, mogelijk voorstellende Clara Serena Rubens. De schatting bedroeg slechts $20.000-30.000. Bieders geloofden die catalogisering niet en dreven het werk naar $630.000 inclusief opgeld.
Na reiniging, technisch onderzoek en specialistische herbeoordeling werd het opnieuw als eigenhandige Rubens geaccepteerd. Christie’s bracht het vijf jaar later terug naar de markt als Portrait of Clara Serena Rubens, the Artist’s Daughter, nu met een schatting van £3-5 miljoen. Het bleef onverkocht.
Het patroon lijkt opvallend veel op de Zweedse vondst. In beide gevallen zag de markt tijdens de eerste, voorzichtige catalogisering, al meer dan het veilinghuis door had of had willen catalogiseren. Vervolgens werd uitgebreid onderzoek verricht en veranderde een “follower” of “circle” in Rubens. Maar bij de volgende verkoop bleek de overgang van een ‘sleeper’ prijs naar een volledig geprijsde Rubens niet vanzelfsprekend.
Was er geen directe interesse of een te hoge estimate?
Het schilderij passeerde op $2,4 miljoen, tegen de schatting van $3-5 miljoen. De Van Dyck die onmiddellijk volgde deed het beter en bereikte zijn lage schatting. Een herattributie kan enorme waardeverschillen veroorzaken. Maar de Zweedse bieders hadden de mogelijkheid al in 2021 in de prijs verwerkt. Drie jaar later moest Sotheby’s niet meer de ontdekking verkopen, maar de volledig uitgewerkte conclusie.
En dat voor een veel hoger bedrag. Juist daarom verdient dit kavel volgens ons een throwback. Er werd een indrukwekkend historisch dossier rond het werk opnieuw opgebouwd en het keerde terug als iets veel ambitieuzers. De vondst was goed en de herwaardering eveneens, maar een koper vond het helaas niet.
Heeft u een bijzondere belangstelling voor deze kunstenaar of voor dit onderwerp?
Volgt u deze kunstenaar of bent u een werk tegengekomen waarover u meer wilt weten? Wij doen regelmatig onderzoek naar werken die op de markt verschijnen en wisselen graag van gedachten over kwaliteit, provenance, kunsthistorische context en eerdere verkoopresultaten. U kunt ons rechtstreeks bereiken via info@antonello.art.
Noten en bronnen
[1] Sotheby’s, Master Paintings & Sculpture Part I, New York, 1 februari 2024, lot 316, Sir Peter Paul Rubens, Self-Portrait of the Artist as a Young Man. Schatting $3-5 miljoen.
[2] Sotheby’s, idem. De provenance vermeldt Brussel, Etienne le Roy, 6 oktober 1853, lot 25, als Peter Paul Rubens, Portrait de Rubens, met afmetingen 55 × 40,5 cm.
[3] Peter Paul Rubens, Portrait of Philippe Rubens, the Artist’s Brother, circa 1610-11, olieverf op eikenhout, 68,5 × 53,5 cm, Detroit Institute of Arts.
[4] Bayerische Staatsgemäldesammlungen, Alte Pinakothek, Peter Paul Rubens, Rubens and Isabella Brant in the Honeysuckle Bower, circa 1609-10.
[5] National Gallery of Australia, Rubens’ Self-Portrait in Focus, 1988.
[6] Sotheby’s, Master Paintings & Sculpture Part I, New York, 1 februari 2024, kavels 316–317; Sotheby’s, “Face Off: Rubens vs Van Dyck”, januari 2024.
[7] Sotheby’s, Old Masters Evening Sale, Londen, 4 juli 2018, lot 17, Sir Peter Paul Rubens, Portrait of a Venetian Nobleman. Met £5,4 miljoen als gerealiseerde prijs.
[8] Christie’s, Classic Art Evening Sale: Antiquity to 20th Century, Londen, 29 juli 2020, lot 8, Sir Peter Paul Rubens, Portrait of a Young Woman, Half-Length, Holding a Chain. Prijs circa £4.000.000.